Artikelen

Tekst door: Heidi Boomgaard

0 Vind-ik-leuks

Je kunt het goed laten klinken, maar ook rot.

“Welkom! Kopje koffie? Koekje erbij? We doen straks een muzikaal intermezzo, dan weet je dat vast. En tutoyeer alsjeblieft. Ander voel ik me zo oud.” Wanneer we aan tafel schuiven bij de 87-jarige componist en pianist Daniël Wayenberg wordt meteen duidelijk dat het vuur in hem nog lang niet gedoofd is. Bijna negen decennia geleden kwam hij ter wereld in Parijs, geboren in een gezin met een Russische vader en een Nederlandse moeder. Toen zijn oma ontdekte dat hij wel eens een getalenteerd pianist zou kunnen zijn, hielp zij hem dit verder te ontwikkelen. Hij ging in Nederland studeren bij de autodidactische componist Ary Verhaar en werd vervolgens musicus, al vindt hij dat zelf een te deftig woord. Inmiddels woont hij alweer geruime tijd in Parijs, maar zijn band met Nederland, en met name met Amsterdam, speelt nog steeds een grote rol in zijn leven. Tijdens een van zijn vele bezoeken aan onze stad, gingen wij in gesprek met deze bevlogen componist en pianist. 

Je bent 87 en speelt nog steeds voor publiek. Wat trekt je zo aan in deze kunstvorm dat je ermee door blijft gaan?
“Of je nu zeven of zeventig bent, je bent en blijft muzikant. Het gaat om competentie. Zolang ik in staat ben om te spelen, zal ik dat blijven doen. Mijn domein is een instrument waarop je heel veel dingen kunt doen. Het derde van Rachmaninoff bijvoorbeeld, is het meest moeilijke muziekstuk dat je als pianist kunt spelen. Toch sta ik daar nu weer mee op het podium. Maar ook begeleidende optredens en recitals vind ik nog altijd leuk, zolang ik maar mooie muziek kan maken. Ik ben een vedette. Jaarlijks sta ik dertig à veertig keer op het podium.”

Wat kenmerkt jou als componist en pianist?
“Dat is moeilijk om te zeggen over jezelf,” twijfelt Daniël, terwijl hij vragend naar zijn vriend Peter Oei kijkt, die tegenover ons zit. Peter: “Wat ik denk dat hem typeert is dat hij al weet wat voor geluid hij gaat maken voor hij de toetsen raakt. Hij is gewend om voor grote zalen te spelen en veel geluid te maken. Het gaat niet alleen om beheersing van het vak, maar ook om interpretatie en zeggingskracht. Hij leeft voor het klavierleven.” Daniël vult aan: “De tendens waar vanuit ik werk is romantiek. En die begint wanneer je experimenteert buiten de gebaande paden van de klassieke muziek.”

Je hebt zelf ook gecomponeerd, wat is je favoriete stuk?
“Er zijn twee stukken waar ik het minst ontevreden over ben. Dat zijn de ‘Twee Symfonieën’ en de ‘Compacte Symfonie’. De eerste schreef ik als staatsopdracht. Het was een stuk voor een heel groot orkest en bestond uit twee delen die los van elkaar gespeeld konden worden. Zo’n symfonie is als mijn eigen kind. is Ik zie mezelf niet als genie, maar met het componeren van dit stuk heb ik wel natuurkrachten losgelaten, waar ik nu nog maar moeilijk bij kom. Ik deed er vier jaar over om het te componeren. De ‘Compacte Symfonie’ is een kleiner stuk en heb ik twee keer uitgevoerd.”

Waar komt de inspiratie vandaan voor je composities?
“Mijn helden van vroeger zijn Sergei Rachmaninoff, Joseph Horovitz, Wilhelm Backhaus en Dinu Lipatti. Maar mijn inspiratie komt uit de romantiek. Ik probeer altijd een eigen toonsoort en idioom te vinden of een akkoord wat nog niet bestaat. Maar met alles geldt: je kunt het goed laten klinken, maar ook rot. Een stuk componeren kost tijd, ongeacht hoeveel inspiratie je hebt.”

Elke carrière kent hoogte- en dieptepunten, welke zijn je het meest bijgebleven?
“Het lastige met mijn werk is dat honderd procent nooit voldoende is. Je legt de lat altijd hoog, maar ik ben streng voor mezelf en daarom is het nooit genoeg. Eigenlijk moet je vijf tot zes uur per dag oefenen, maar dat haal ik inmiddels niet meer. Een hoogtepunt was toen ik in de jaren zestig voor het eerst het derde van Rachmaninoff speelde in The Royal Albert Hall in Londen. De wereldbekende dirigent Carl Schuricht had daarna gezegd dat hij me graag had willen begeleiden als we elkaar eerder hadden gekend. Dat zo’n kolossaal figuur iets in je ziet, dat is een hele fijne herinnering. Maar ook de keren dat ik speelde in Carnegie Hall in New York, Teatro alla Scala in Milaan en het Concertgebouw in Amsterdam zie ik als hoogtepunten in mijn carrière.”

Je werkt veel samen met de Amsterdamse Martin Oei. Wat maakt jullie samenwerking bijzonder?
“Er is veel wederzijds respect. Martin is natuurlijk een heel stuk jonger, maar ik zie ons als collega’s en heel goede vrienden. We ontmoetten elkaar voor het eerst bij een concert in Antwerpen in 2012 waar we samen optraden. Omdat het publiek zo enthousiast was, wisten we dat we er iets mee moesten doen. Nu doen we een tour van twintig optredens onder de naam ‘Rachmaninoff in de polder’.”

Daniël Wayenberg samen met Martin Oei

Parijs is al jaren je woonplaats, wat voor rol speelt Amsterdam in jouw leven?
“Eén keer per maand ben ik in Amsterdam. Concerten en goede rijsttafels blijven me naar deze stad trekken. Want dat laatste is heel moeilijk te vinden in Parijs!”

Wat zijn de ambities voor de komende jaren?
“Beter piano spelen zou ik geen ambitie noemen, maar meer pure noodzaak. Als ik weer eens een goed idee krijg, zou ik graag een derde symfonie componeren. Maar vanaf nu tot over een jaar heb ik een volle agenda. In 2018 staat een concert in Tahiti op de planning en daar plak ik dan lekker een week aan vast om in de zee te gaan liggen. Daar kijk in nu al naar uit. Ik leef met de dag, dat is inherent aan het leven als muzikant. Maar ik zou overal nog wel op willen treden. Beirut staat nog hoog op het wensenlijstje.” 

Waar kunnen betrokken Amsterdammers je nog bij helpen?
“Geef klassieke muziek een kans! Stiekem zit het al in zoveel dingen verweven; in reclamejingles zitten bijvoorbeeld ook vaak klassieke stukken. Laat het ‘klassieke muziek is niets voor mij’ gevoel los en kom gewoon eens kijken bij een concert. Meer kan ik niet vragen.”

Welke les wil je aan anderen doorgeven?
“Ik ben een gelovige jongen, dat is voor mij het belangrijkste in het leven. Ik streef in mijn werk naar perfectie, hoe moeilijk dat ook is. Want muziek moet ertoe dienen dat je de volmaaktheden van God erin terug kunt horen. Neem het vak serieus, maar doe het altijd met een glimlach. Dat is het beste advies dat ik kan geven.” 

Naar Daniel Wayenberg in het Koninklijk Concertgebouw? Haal hier je kaartje met 35% korting! 

ZELF EEN REACTIE PLAATSEN?

Oeps! Je bent niet ingelogd.

Maak eenvoudig en snel een account aan en krijg toegang tot alle exclusieve functies en verhalen op Amsterdam &Co.
Het maken van een account is gratis!

Scherm sluiten

Je wachtwoord vergeten?

Geen probleem! Vul onderstaand formulier in en
je ontvangt direct een e-mail met daarin je wachtwoord.