Artikelen

Tekst door: Suzette Hermsen en Fotografie door: Lonneke van der Palen

0 Vind-ik-leuks

Er is geen betere opleiding in het leven dan de journalistiek.

Een interview met de 61-jarige Tracy Metz duurt per definitie niet lang genoeg. De in Californië geboren journaliste stroomt zo over van de verhalen, anekdotes en ervaringen, dat je van de veelheid bijna niet weet waar te beginnen. Dat gevoel herkent ze zelf ook. “Soms denk ik, waarom doe ik mezelf dit aan?”

Je bent geboren in Los Angeles, vanwaar de keuze voor Amsterdam? 
“Na mijn studie in Amerika wilde ik mijn Frans en Spaans perfectioneren. Ik kocht op de bonnefooi een enkeltje Europa, zo ging dat in die tijd. Het goedkoopste ticket die dag bracht mij naar Amsterdam. Het kan haast niet prozaïscher. Toen ik aankwam werd ik meteen gegrepen door de stad. In Amerika verplaatst iedereen zich per auto, in Amsterdam loopt alles en iedereen kriskras door elkaar. Een wereld van verschil met Californië, waar het heel druk is, maar waar de bevolking door dat autogebruik bijna niet zichtbaar is. Toen ik in Amsterdam ineens wél een zichtbaar stadsleven aantrof, dacht ik: goh, zo kan het ook.”

Hoe kwam je in de journalistiek terecht?
“In het begin rommelde ik maar wat aan. Ik had verschillende bijbaantjes en maakte reisje na reisje. In die tijd was het nog iets normaler om na je studie de wereld een beetje te verkennen, maar rond mijn zesentwintigste dacht ik toch: “Misschien moet ik eens wat met mijn leven gaan doen”. Via een cursus Engels die ik gaf, ontmoette ik de redactiechef van het Parool. Hij zei: “De journalistiek, dat is echt iets voor jou”, en hij stelde me voor aan de hoofdredacteur. Die moet echt hebben gedacht: “Wie is deze gekke Amerikaanse zonder journalistieke ervaring”, maar ik kreeg een contract. Voor zes maanden en ongeveer nul euro, maar ik vond het meteen fantastisch. Ik ben ruim vijf jaar gebleven en heb er ontzettend veel geleerd. Daarna ben ik 26 jaar redacteur van het NRC Handelsblad geweest. Er is geen betere opleiding in het leven dan de journalistiek.”

Je doet veel dingen tegelijk, waar ligt je hart?
“Het geluk van mijn carrière is dat ik allerlei verschillende podia heb kunnen gebruiken. Lange tijd waren dat Het Parool, het NRC en mijn boeken. In 2012 is daar mijn talkshow Stadsleven bijgekomen, waarvan De Groene Amsterdammer mediapartner is. Daarnaast ben ik directeur van het John Adams Institute, een culturele non-profit die een podium biedt voor Amerikaanse cultuur in Nederland. Tot slot heb ik tijdens de zes maanden van het Nederlandse EU-voorzitterschap een maandelijkse serie urban conversations in de OBA opgezet, en begon ik samen met mijn man StadsSalon, een initiatief dat sinds tien jaar culturele bijeenkomsten initieert en faciliteert. Waar mijn hart ligt? Eigenlijk voel ik me op alle podia fijn. Of ik nou schrijf of spreek, het zijn uitingen van hetzelfde. Ik breng graag verhalen op mensen over, op welke manier dan ook. “

Je bent 61 en hartstikke druk. Hoe houd je het allemaal vol?
“Dat vraag ik mezelf ook wel eens af, maar het is altijd interessant en verrijkend. Dat geeft me energie. Soms zit ik zondagnacht tot half 3 een stuk voor de krant af te maken, wordt de deadline ineens verschoven. Op zulke momenten denk ik: “Dit moet ik toch echt anders gaan doen”. Maar als het stuk eenmaal in de krant staat, vergeet ik zo’n lange nacht direct. Diep van binnen zit dat krantenmeisje nog duidelijk in me”.

Wat zou je willen veranderen aan Amsterdam?Je hebt het in je werk vaak over urban issues. Waar komt die fascinatie vandaan?
“Als ik er achteraf op terugkijk, heeft ook dat mogelijk te maken met het enorme contrast tussen Los Angeles en Amsterdam waar ik destijds op stuitte. Het moet me gefrappeerd hebben dat een fysieke plek het leven dat je leidt zo beïnvloedt. Mensen lopen hier bijvoorbeeld op straat omdat Amsterdam compact is. In Los Angeles kan dat niet omdat de stad te uitgebreid is. Dat komt voort uit de geschiedenis van het land en de normen en waarden van die samenleving. Alles wat met een stad te maken heeft is eigenlijk een uiting van de samenleving. Oneindig interessant dus.”

Wat zou je willen veranderen aan Amsterdam?
“De woningmarkt. Amsterdam loopt echt tegen de grenzen van het eigen succes aan. We willen toeristen die geld in het laatje brengen, we willen jonge creatieve mensen die vaardigheden hebben, maar we weten niet waar we ze moeten laten. Er is geen grip op het aanbod, de prijs, of op de vraag. En dat is opmerkelijk, want het huisvestingsbeleid is iets wat in Nederland altijd prioriteit heeft gehad. Helaas is het ons in Amsterdam helemaal uit de vingers geglipt. Er zijn te weinig koopwoningen, te weinig huurwoningen, en ondertussen rijzen de prijzen de pan uit. Het hele systeem is ontregeld. Wie wil nou driekwart van zijn loon aan een huis besteden? We zullen er echt hard aan moeten trekken, anders gaat uiteindelijk iedereen hier weg.”

Heb je een favoriete plek in Amsterdam?
“Het Amstelveld. Voorheen woonde ik daar. Ik heb het plein dus in allerlei mogelijke gedaanten gezien: heel druk, maar ook stilletjes in de sneeuw. Het is mooi in zijn simpelheid. Er zitten oude mensen in hun rollator in de zon, kinderen vermaken zich met de speeltuin en jongeren komen er om een potje jeu de boules te spelen. Het grappige is dat het oorspronkelijk helemaal niet de bedoeling was dat er een plein zou komen. De plek was eigenlijk gereserveerd voor een grote kerk, maar die is er nooit gekomen. Er staat nog steeds een wit houten kerkje, bedoelt als tijdelijke oplossing. Dat is inmiddels dus het oudste tijdelijke gebouw van Amsterdam.”

Tot slot: Los Angeles of Amsterdam?
“Ik ben echt een kind van twee culturen. Hoewel ik het grootste gedeelte van mijn leven in Nederland heb gewoond, ben ik in Amerika geboren en getogen. Dat vormt je en dat raak je nooit meer kwijt. Ik heb twee nationaliteiten maar heb in Nederland mijn man ontmoet en voel me ontzettend thuis in Amsterdam. Een stad met zoveel geschiedenis, dat is fantastisch om in te wonen. Ik mis de VS niet echt. Ik heb daar ook geen zinvol professioneel of privéleven waar ik zo in kan stappen. Maar de Amerikaan in me is er nog. Je zou me een goed ingevoerde buitenstaander kunnen noemen. Een beter ingeburgerde expat ga je niet vinden.”

Suzette Hermsen
Bekijk dit profiel
Lonneke van der Palen
Bekijk dit profiel
Deel dit artikel:
SCHRIJF JE IN VOOR DE NIEUWSBRIEF
en word lid van Amsterdam &Co.
ZELF EEN REACTIE PLAATSEN?

Oeps! Je bent niet ingelogd.

Maak eenvoudig en snel een account aan en krijg toegang tot alle exclusieve functies en verhalen op Amsterdam &Co.
Het maken van een account is gratis!

Scherm sluiten

Je wachtwoord vergeten?

Geen probleem! Vul onderstaand formulier in en
je ontvangt direct een e-mail met daarin je wachtwoord.